Wat is familiaal geweld?
Mensen vragen zich dikwijls af wanneer er sprake is van geweld: Is geweld een éénmalige ruzie waarin er geroepen wordt tegen elkaar? Spreken we enkel over geweld wanneer er geslagen wordt?
We spreken van familiaal geweld wanneer er enerzijds dwingend, intimiderend gedrag uitgeoefend wordt tegenover een gezins- of familielid of (ex-)intieme partner. Anderzijds moet dit dwingend, intimiderend gedrag gepaard gaan met geweld of dreiging met geweld. Het is dus de combinatie van dwang, intimidatie en een dreiging met geweld of effectieve geweldpleging die bepaald of er sprake is van familiaal geweld.
Het geweld kan zowel actief als passief zijn. Passief geweld is dat je ook door iets niet te doen (iemand geen of onvoldoende eten geven, geen of foute medicatie geven, maar ook liefde onthouden,…) geweld pleegt. Bovendien kan geweld zowel fysiek (slaan, schoppen, bijten,…), psychisch (vernederen, negeren,…), seksueel (iemand verkrachten, maar ook iemand betasten, seksueel benaderen wanneer deze persoon het niet wil) als economisch (iemands geen beheer over zijn eigen loon geven, ….) zijn.
Familiaal geweld kan door verschillende familieleden gepleegd worden: volwassenen, adolescenten en kinderen. Zowel volwassenen als kinderen kunnen er het slachtoffer van zijn. Mensen kunnen zowel rechtstreeks als onrechtstreeks slachtoffer zijn van familiaal geweld; getuigen van geweld zijn immers ook slachtoffers van geweld.
We onderscheiden verschillende geweldvormen binnen het (ruime) gezin: Partnergeweld, stalking, kindermishandeling, oudermishandeling (geweld dat gepleegd wordt van een kind op een ouder), ouderenmishandeling (geweld dat gepleegd wordt van een familielid op een oudere), en geweld tussen kinderen onderling.
Intrafamiliaal geweld, gezinsgeweld, huiselijk geweld, partnergeweld …zoveel termen!
Geweld binnen de ruime familie noemen we familiaal geweld. We kunnen er ‘intra’ voorzetten, dat duidt gewoon aan dat het binnen de familie is. Gezinsgeweld of geweld in het gezin beschouwen we als synoniemen. We bedoelen hetzelfde, we gaan niet verengen tot het kerngezin, we hebben net nog steeds over de ruime familie, dus ook over ooms, tantes, neven en nichtjes, grootouders, aangetrouwden, stiefouders, pleegouders, enz. Huiselijk geweld is een term die in Nederland wordt gebruikt, maar er is één belangrijk verschil. Ook nauwe familievrienden ‘de vrienden van het huis’ worden in de Nederlandse definitie meegenomen, en in de Vlaamse definitie niet.
Hoe ontstaat familiaal geweld?
Er is niet één factor aan te duiden die verklaart waarom er in het ene gezin wel geweld gepleegd wordt, en in het ander niet. Geweldpleging is vaak een combinatie van zowel individuele, situationele als relationele en culturele factoren. Het is de combinatie van hoe je over geweld denkt en kijkt naar geweld en naar je gezinsleden, de manier waarop je met conflicten omgaat, de situaties waarmee je te maken krijgt en relationele factoren die bepalen of er al dan geen geweld wordt gepleegd.
Beïnvloedende factoren:
In de visietekst opgemaakt door de hulpverleners van de provincie Antwerpen (2007) wordt aangegeven dat er verschillende b
factoren zijn die de kans op geweld in het gezin vergroten of verkleinen. Deze factoren worden opgedeeld in drie soorten: risicofactoren, protectieve of beschermende factoren en uitlokkende factoren.
- Risicofactoren zijn factoren die de kans op familiaal geweld doen toenemen; dit betekent echter niet dat dit sowieso zal voorkomen wanneer een risicofactor aanwezig is.
- Protectieve of beschermende factoren zijn factoren die de kans op familiaal geweld doen afnemen.
- Uitlokkende factoren zijn ‘triggers’, situationele omstandigheden die er op een bepaald moment voor zorgen dat “de bom ontploft”. Dat kan bijvoorbeeld een omvallend glas zijn, een baby die begint te wenen,… Een lijst opstellen van alle mogelijke uitlokkende factoren van familiaal geweld is dan ook onmogelijk. Toch willen we hier de situationele stress uitlichten, omdat dit één van de meest uitlokkende factoren is.
- Al deze factoren kunnen per vorm van familiaal geweld ook gerangschikt worden naar hun oorsprong of bron. Zij vinden hun oorsprong in de persoon zelf, in de micro-omgeving (het gezin) en in de macro-omgeving (de maatschappij).
Wanneer we de verschillende vormen van familiaal geweld bekijken, blijkt dat verschillende risicofactoren en beschermende factoren steeds terugkomen bij de verschillende vormen van familiaal geweld. Zo brengt bijvoorbeeld sociaal isolement een verhoogd risico op verschillende soorten van familiaal geweld met zich mee; ook alcohol en/of middelenmisbruik verhogen dit risico. Het hebben van sociale contacten is dan weer een bescherming tegen verscheidene vormen van geweld in het gezin. Het is belangrijk deze risicofactoren en beschermende factoren niet los van elkaar te zien. Bij situaties van familiaal geweld ziet men meestal dat er verscheidene risicofactoren aanwezig zijn vooraleer er uiting wordt gegeven aan geweld.
Per vorm van familiaal geweld zijn er echter ook specifieke risicofactoren en beschermende factoren. Zo is bijvoorbeeld een ongewenste zwangerschap een risicofactor bij kindermishandeling, en dementie speelt een risicoverhogende rol bij ouderenmis(be)handeling. Op deze specifieke factoren gaan we hier niet in, gezien ze in andere literatuur uitvoerig per vorm van geweld worden besproken.
Tot slot zijn er nog specifieke kenmerken van slachtoffers en plegers die maken dat de kans dat er geweld wordt gepleegd in het gezin groter is.
Wat is een integrale kijk op geweld in gezinnen?
We gaan uit van een integrale visie op en een integrale aanpak rond familiaal geweld. Dit betekent het volgende:
- We gaan uit van de samenhang tussen verschillende vormen van geweld in het gezin. De risicofactoren, zowel voor slachtoffer –als plegerschap vertonen zeer veel gelijkenissen. Bovendien blijken verschillende vormen van geweld gecombineerd te worden, of in elkaar over te gaan. Ook vertonen de slachtoffers en de plegers van de verschillende vormen van geweld in het gezin vaak meer gelijkenissen dan verschillen.
- We hebben aandacht voor alle levensdomeinen. Vaak stellen zich bij gezinnen waar geweld wordt gepleegd immers problemen op verschillende domeinen: schulden, isolement, relatieproblemen,… Het is belangrijk hier voor het gezin de problemen op deze verschillende levensdomeinen in beeld te brengen. Dit kan inzichtelijk werken, en geeft de hulpverlening de kans om zijn begrip over deze moeilijke leefsituatie te verwoorden (zonder afbreik te doen aan de verantwoordelijkheid die de pleger moet nemen rond de geweldsituatie). Er kunnen met het gezin prioriteiten rond probleemgebieden worden bepaald, en hier kan naar een gepast oplossing voor een aantal problemen gezocht worden.
- We hebben aandacht voor de dader-slachtofferdynamiek. We gaan er vanuit dat er in elk van ons een mogelijk slachtoffer en een mogelijke pleger schuilt. Bovendien hebben we de visie dat slachtoffer- en plegerschap niet zo ver uit elkaar ligt als vaak wordt gedacht. We hebben hierin oog voor de dynamieken en het continuüm dat bij familiaal geweld kan spelen (Hulpverlening in Antwerpen, 2007).
- We streven naar een intersectorale, samenwerkende aanpak. Verschillende hulpverleningsdiensten worden geconfronteerd met familiaal geweld, verschillende diensten vervullen hierin een belangrijke rol. Samenwerking en het uitklaren van ieders rol en taak, met de verschillende partners, is uitermate belangrijk bij dit thema. Deze partners kunnen zowel hulpverleningsdiensten als politiediensten, justitie, onderwijs,… Op deze manier kunnen we voorkomen dat mensen tussen de mazen van het (hulpverlenings)net vallen. Het samenwerken met politie en justitie is hierbij uiteraard ook zeer belangrijk. In het artikel over samenwerking tussen hulpverlening en politie en justitie wordt hier dieper op ingegaan.
Een integrale visie sluit niet uit dat de verschillende vormen van geweld in het gezin specifieke kernmerken hebben. Wanneer kinderen of zorgbehoevende ouderen het slachtoffer zijn, vraagt dit een bijzondere aanpak.
Hoe komt het dat ik zo weinig mensen ken die slachtoffer zijn van familiaal geweld?
Geweld is nog steeds één van de laatste taboes van onze samenleving. Wanneer er geweld wordt gepleegd in het gezin vinden alle partijen het zeer moeilijk dit geweld zelf ter sprake te brengen. Dit heeft met verschillende factoren te maken: taboe, loyaliteit t.a.v. een gezinslid,…
In de meeste gevallen is het degene die mishandeld wordt die begint te praten, uit zichzelf of omdat er iemand (de buurvrouw, de leerkracht, de hulpverlener,…) goed doorvraagt. Doorgaans wordt de stap naar de hulpverlening pas gezet wanneer het geweld reeds een hele tijd aan de gang is en hulpvragen gericht aan het eigen sociaal netwerk gefaald hebben. Mensen hebben hier dus al een aantal pogingen ondernomen om aan hun omgeving (soms vage) signalen te zenden, in de hoop dat deze opgepikt worden. De manier waarop deze omgeving reageert is dan ook heel bepalend in hun verdere gedrag. Als de buurvrouw, moeder, leider uit de jeugdbeweging,… niet op de gepaste manier reageert, trekken mensen zich vaak terug in hun schulp. Ze krijgen vaak de boodschap dat ze weg moeten bij deze partner of uit dit gezin , er wordt met ongeloof gereageerd,…
Nochtans is het sociaal netwerk enorm belangrijk voor mensen, veel belangrijker dan de hulpverlening ooit kan worden. Het is dan ook belangrijk om, wanneer iemand met enige schroom vertelt dat het in hun gezin niet allemaal koek en ei is, met een onbevooroordeelde blik naar het verhaal te luisteren, en vooral met deze persoon te gaan kijken wat hij of zij hiermee wil doen (eerder dan wat je zelf denkt dat nodig is).
Waarom gaan vrouwen niet meteen weg als ze worden geslagen?
Vrouwen die niet in de situatie zitten verbazen zich vaak over het feit dat het slachtoffer bij hun gewelddadige partner blijft en er zelfs naar blijft terugkeren na doodsbedreigingen.
De vraag waarom iemand slachtoffer is van geweld wordt vaak gesteld, maar geweld laat zich moeilijk voorspellen vanuit de kenmerken van het slachtoffer. Toch merken we dat het kenmerk van afhankelijkheid en kwetsbaarheid vaak terugkeert bij de verschillende geweldvormen in het gezin. Het is duidelijk dat deze afhankelijkheid nauwelijks kan gehanteerd worden om geweld te voorkomen, maar het kan ons helpen de complexe problematiek van familiaal geweld te begrijpen. Het feit dat mensen niet onmiddellijk bij de eerste keer dat er geweld wordt gepleegd het huis verlaten, en hier ook na langdurig geweld niet altijd voor kiezen, heeft immers te maken met deze afhankelijkheid waarmee zij vaak zitten t.a.v. de pleger. Bovendien zien we dat er bij geweld in het gezin vaak een traumatische verbintenis is tussen slachtoffer en pleger, waardoor de loyaliteit van het slachtoffer t.a.v. de pleger veel groter is dan bij anderen. Beide kenmerken spelen een rol bij verschillende geweldvormen.