“Vrijwilligerswerk geeft een extra geluksgevoel”

Greet is al 7 jaar vrijwilliger bij Slachtofferhulp. Wij waren benieuwd naar haar ervaringen en nodigden haar graag uit voor een interview.

Waarom ben je begonnen met vrijwilligerswerk?

“Ik heb een paramedischeopleiding gevolgd en mocht als ergotherapeut mensen begeleiden in een kleinschalig revalidatiecentrum. Ik werkte samen met mensen uit verschillende disciplines, wat verrijkend was. Later koos ik bewust om thuis te blijven voor de kinderen en dit te combineren met werken als onthaalmoeder. Toen de kinderen ouder werden, ben ik gestopt als onthaalmoeder en wou ik wel iets extra doen. Ik nam contact op met mijn vroegere leidinggevende en zij nodigde mij uit om vrijwillige onthaalmedewerker te worden in De Speelbrug. En dat heb ik 8 jaar heel graag gedaan.”

Hoe kwam je bij CAW Antwerpen terecht?

“CAW kruiste toevallig mijn pad. Op een bepaald moment contacteerde ik een oude bekende die zei: “Ik doe iets heel interessant, ik werk bij Slachtofferhulp. Dat zou ook iets voor jou zijn.” Ik ben met haar meegegaan naar een infoavond en voelde direct een klik. Ik volgde 5 dagen opleiding en vervolgens ben ik aan de slag gegaan als vrijwilliger bij Slachtofferhulp.”

Wat doe je concreet?

Wij ondersteunen slachtoffers van een misdrijf, naasten bij zelfdoding of betrokkenen bij verkeersongevallen. Deze mensen worden meestal aangemeld door de politie als ze geholpen willen worden door slachtofferhulp. Dan volgt een onthaalgesprek en kan er vervolgens een begeleiding opgestart worden. Ik ga dan op bezoek bij de slachtoffers en we hebben een gesprek. We overlopen de feiten, de lichamelijke en psychische gevolgen, de juridische en praktische impact, hoe ze zich kunnen ontspannen en hoe ze zich voelen in hun omgeving. Soms is er slechts één gesprek, andere trajecten duren langer. Dit is afhankelijk van de wensen of noden van het slachtoffer zelf.

Tijdens de opleidingen en de supervisies zie ik ook de andere vrijwilligers.

De gesprekken zijn slechts het halve werk. Er is ook veel verslaggeving nodig, waarop ik feedback krijg van een begeleider. Tussentijds hebben wij ook extra opleidingen: om de 2 maanden een vormingsavond en om de 6 weken een supervisie. Tijdens de opleidingen en de supervisies zie ik ook de andere vrijwilligers. We bespreken onder andere hoe wij ons voelen bij een casus. Zo kunnen we zelf ons verhaal kwijt en is het mogelijk vragen te stellen over hoe we iets best aanpakken. Je hoort er hoe het bij andere vrijwilligers gaat en hoe zij ermee omgaan. Het contact met de andere vrijwilligers is heel goed.

Hoe ga je om met de moeilijke verhalen?

Ik geef vooral erkenning aan de zwaarte van feiten en toon empathie. Als je iets meemaakt, dan ga je door een moeilijke periode. Ik leg uit hoe een verwerkingsproces werkt en wat normale reacties zijn bij een schokkende gebeurtenis. Slachtoffers volgen best hun eigen tempo in het verwerkingsproces. Het gaat vaak met kleine stappen. Als dit nu niet lukt, lukt het op een ander moment misschien wel.

Ik geef vooral erkenning aan de zwaarte van feiten en toon empathie.

Ik geef ook wel praktische informatie over andere diensten als dat nodig is en ik reik ook tips aan, soms heel vanzelfsprekende dingen. Bijvoorbeeld als iemand angst heeft op straat, kan ik de vraag stellen, of het slachtoffer iemand kent die hierbij kan helpen. Iemand die enkele keren met je meegaat, al is het maar tot bij de bakker op de hoek. We noemen het tips omdat we zeker niet de indruk willen geven dat ze het zo of zo moeten doen. Het slachtoffer beslist zelf.

Luisteren blijft het belangrijkste. Mensen zijn in het begin vaak een spraakwaterval. Ze vertellen ons werkelijk alles. Ze voelen zich vrij omdat we niet oordelen. Er wordt vaak tegen de slachtoffers gezegd dat ze het zich niet moeten aantrekken of dat er ergere dingen zijn. Door die uitspraken voelt een slachtoffer zich nog slechter. Het is dus belangrijk dat je hun verhaal erkent.

Luisteren blijft het belangrijkste.

Ik vraag me wel eens af of ik me ook zou kunnen openstellen voor een vreemde. Waarschijnlijk wel, want de nood om je verhaal kwijt te kunnen, is echt heel hoog.”

Wat vind je fijn aan je vrijwilligerswerk?

De inhoud van dit vrijwilligerswerk is echt mijn ding. Ik kom uit de sociale sector. Psychosociale revalidatie heeft veel gelijkenissen. De filosofie van hoe je met mensen omgaat die het even moeilijk hebben in hun leven of zij die slachtoffer zijn van een schokkende gebeurtenis, is heel gelijklopend. Het gaat bij beiden om begrip en respect.

Bij slachtofferhulp kunnen mensen hun verhaal kwijt en ze zijn opgelucht dat je langs bent geweest. Je bent er voor hen. Je voelt dat het voor die mensen een meerwaarde is.

Je voelt dat het voor die mensen een meerwaarde is.

Ik vind het fijn om met een heel divers publiek te werken: jong, oud, arm, rijk, man, vrouw, Belg, niet-Belg. Voor mij is dit een grote meerwaarde in dit werk. Zohebikal zeker met meer dan 25 verschillende nationaliteiten of mensen van een andere origine gepraat, indien nodig met een tolk. Ook al zijn er verschillen tussen mensen en levenswijzen, bij slachtoffers vallen vooral de gelijkenissen op. Mijn contacten met mensen uit een ander land of cultuur zijn meestal zeer positief en dit is erg verrijkend. Ik vergelijk het soms met een wereldreis.

Het feit dat je niet enkel mensen ondersteunt, maar ook vorming en supervisie hebt, maakt het vrijwilligerswerk volwaardig, je hoort ergens bij. Ik heb nog geen zin om ermee te stoppen. Ik doe het graag.

Ik heb nog geen zin om ermee te stoppen. Ik doe het graag.

Zijn er ook mindere kanten aan het vrijwilligerswerk?

Ik heb het soms moeilijk met de machteloosheid. Ondanks de inspanning lijkt er soms weinig te veranderen. Soms zijn zaken niet op te lossen of gaat het heel traag, met kleine stappen. De traagheid van het gerecht is ook een negatieve factor. Het is belangrijk om vertrouwen te blijven hebben.

Af en toe zijn er dossiers waar ik tegenop zie. Het werk is vaak heel intens. Je hoort vreselijke verhalen. Soms zeggen ze van TV-programma’s: ‘Dat is allemaal overdreven’. Maar de realiteit is vaak erger dan de fictie. De waardering die je terugkrijgt van de mensen is toch heel belangrijk, dat zorgt voor compensatie.

Zou je het anderen aanraden om vrijwilligerswerk te doen?

Ja, je leest toch vaak dat vrijwilligers gelukkiger zijn dan anderen. En dat kan ik wel beamen. Het geeft een extra geluksgevoel.

Hartelijk dank Greet voor dit boeiende gesprek. Veel succes nog met je vrijwilligerswerk bij Slachtofferhulp!